Jan Six in het Rijksmuseum

JanSix

Jan Six, geschilderd door Rembrandt in 1654.

Woest aantrekkelijk
Hij kijkt je vorsend aan, deze begeerlijke vrijgezel. Nog wel. Binnenkort gaat hij trouwen met een rijke dame, maar nu gaat hij nog even naar zijn landgoed om daar achter de meisjes aan te zitten. Hij houdt van schoonheid, in kunst en literatuur, dus waarom niet in vrouwen? Woest aantrekkelijk vinden ze hem. Niet echt knap, met zijn beginnende onderkin en pluizig haar, maar wát een uitstraling! Een krachtige man, met zelfvertrouwen en hersens, en geld. Hij geniet zichtbaar van het leven, en hij heeft leuke vrienden die kunnen dichten en schilderen.
Straks, als hij eenmaal gesetteld is, dan zal hij zijn rol als magistraat in Amsterdam gaan spelen, keurig in het zwart, maar nu gooit hij zijn felrode mantel over zijn schouder en gaat een stukje uit rijden. Hij weet nog niet dat hij vader zal worden van een zoon die de familienaam zal doorgeven tot aan de elfde generatie, dat hij zelfs burgemeester van deze stad zal worden op zijn oude dag, en dat zijn familiewapen 350 jaar later nog steeds in het grote stadhuis op de Dam te zien zal zijn.
Hoe zou hij het vinden dat zijn portret eeuwen later van de woonkamerwand wordt gehaald en door duizenden kan worden bekeken in een openbaar museum in de stad? Hij vindt het best, want al die mensen vinden hem nog steeds woest aantrekkelijk, en het is toch ook maar voor even. [Dit stukje heb ik ooit geschreven voor de Vrije Academie. CK]

Late Rembrandt, tot 17 mei te zien in Het Rijksmuseum Amsterdam.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *